Opvoeding

Hoe kies je een basisschool voor je kind?

Yinthe wordt volgende maand 3, over een jaar gaat ze dus naar de basisschool. Hoog tijd om ons te gaan verdiepen in basisscholen. Maar, waar begin je? Waar let je op? Ik neem je mee in de verschillen tussen scholen en mijn zoektocht naar een school voor Yinthe.

Welke verschillende soorten basisonderwijs zijn er?

Het basisonderwijs is als ingedeeld in openbaar of bijzonder (confessioneel). Openbare scholen hangen geen godsdienst aan. Ze staan open voor alle leerlingen, ongeacht je afkomst of levensbeschouwing. Op confessionele bijzondere scholen krijgen leerlingen les vanuit een godsdienstige, levensbeschouwelijke of opvoedkundige overtuiging. Voorbeelden hiervan zijn: Rooms-Katholieke, Protestants-Christelijke, Islamitische en Joodse scholen.

Dan heb je ook nog de algemeen bijzondere scholen. Op deze scholen wordt gewerkt vanuit een opvoedkundige overtuiging. Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld: Montessori, Jenaplan, Dalton en vrijescholen. Wat deze scholen gemeen hebben is dat ze vaak uit gaan van de belevingswereld van het kind. Ook doen ze een beroep op de zelfstandigheid van de leerling. Dit heet ook wel ‘vernieuwingsonderwijs’.

In ons geval worden we al enigszins ‘beperkt’, ons dorp heeft een Katholieke school, 2 openbare scholen en 3 Protestants-Christelijke scholen. Aangezien ik het wel belangrijk vindt dat Yinthe iets mee krijgt van het geloof (ik ben zelf christelijk opgevoed, ik wil niet dat ze denkt dat Kerst gevierd wordt omdat de Kerstman dan jarig is, of zoiets). Van ons mag ze dus naar een christelijke school gaat. Toen waren er nog maar 3.

Richting en inrichting

Er bestaat een verschil tussen de richting en de inrichting van de school, namelijk:

  • De richting van de school is de grondslag, bijvoorbeeld een bepaalde levensovertuiging.
  • De inrichting van de school is de manier waarop het onderwijs wordt gegeven, de pedagogisch-didactische uitgangspunten van de school (bijvoorbeeld jenaplan, vrijeschool of dalton).

Brede scholen en speciaal onderwijs

Je hebt ook scholen die speciaal inspelen op bijvoorbeeld een buitenschoolse activiteit. Als je een kind hebt dat op hoog niveau een bepaalde sport beoefend maken deze scholen die combinatie mogelijk. Voorbeelden van brede scholen zijn: Spilcentrum, Open Wijk school, Integraal Kindcentrum.

Als regulier basisonderwijs niet geschikt is, of niet geschikt blijkt te zijn voor je kind is er speciaal onderwijs. Dit onderwijs is geschikt voor kinderen met een geestelijke of lichamelijke beperking, leer- of gedragsproblemen. Maar ook voor kinderen die bijvoorbeeld hoogbegaafd zijn. Speciale scholen werken ook steeds meer samen met reguliere scholen, zodat je kind soms gewoon naar school kan blijven gaan maar wel dat extra stukje aandacht krijgt.

Maar hoe kies je nu die school?

  • Afstand: in ons geval waren er dus nog drie scholen over. Nu wonen wij op een centrale plek in een relatief klein dorp. De afstand naar de drie scholen was dus niet echt en ding, al hebben we uiteindelijk gekozen voor de school die het meest ver van ons huis af ligt (en het meest dicht bij mijn werk). Maar goed, afstand kan dus een punt zijn.
  • Leerlingenaantal: ook dit is in ons geval weer een leuke. Ik heb zelf op een vrije grote basisschool gezeten en dit nooit als vervelend ervaren. Twee van de drie scholen die voor ons overbleven hebben meer dan 250 leerlingen, en de school waar onze keuze op is gevallen? Je raad het al, 160.
  • Buitenschoolse opvang: dit punt heeft bij ons de doorslag gegeven. Yinthe gaat naar een hele fijne gastouder. We vonden het belangrijk dat ze daar straks kan blijven als ze uit school komt. Onze gastouder haalt meer kinderen van deze school. Ook ligt de school vlak bij mijn werk. Ik kan haar brengen voor ik begin en kan ze met de gastouder weer mee terug (op de dagen de Frank en ik alle twee werken). Natuurlijk zijn er genoeg scholen waar kinderen naar de bso kunnen, maar voor ons was de veiligheid van de vertrouwde gastouder wel een belangrijke.
  • Gevoel: heb je een goed gevoel bij de school? Vraag om een rondleiding, maak kennis met leraren, vraag eens rond bij ouders waarvan je weet dat de kinderen op die school zitten. Je eigen gevoel is wat mij betreft de doorslaggevende factor.

kleuren op de basisschool

Keuze gemaakt, en dan?

Bij de meeste scholen moet je je kind ongeveer rond de 3e verjaardag aanmelden. Nu wonen wij niet in de grote stad en zijn hier geen lange wachtlijsten. Eerst krijg je een rondleiding en een kennismakingsgesprek. Dat kun je natuurlijk prima bij meerdere scholen doen om vergelijkingsmateriaal te hebben.

Zelf gaan wij Yinthe deze maand aanmelden en zijn we dus nog niet eens op de school van onze keuze geweest. De kans dat het niet ‘klikt’ is dus aanwezig en dan moeten we verder voor optie twee. Wat ik zelf wel grappig vind is dat onze eerste keus een school is die werkt volgens het Dalton principe, wat ik zelf altijd maar zweverig vond (toen ik nog geen moeder was).

Nu ik me er meer in verdiept heb spreekt het me aan dat ze kinderen meer verantwoordelijkheid en zelfstandigheid willen bijbrengen. Ook worden de leerlingen gekoppeld aan ‘maatjes’ om samen opdrachten mee uit te voeren, en elkaar zo op een andere manier te leren kennen.

Ik ben er van overtuigd dat als de school niet ‘past’ je daar wel achter komt. Het is geen schande om van school te wisselen. Ik ben 3 keer van basisschool gewisseld door verhuizingen en ik heb er niets aan over gehouden. Behalve dat ik me snel leer aanpassen en nieuwe vrienden heb leren maken.

error: Content is protected !!